Perfil de Anne<*|||><< Space van Anne...FotosBlogListasMás ![]() | Ayuda |
Stille Uren
Stille uren
Wie kent mijn stille uren, mijn onverwerkt verdriet? De bitt're stroom van tranen, wie is het die ze ziet? Ik lach en maak zelfs grapjes, terwijl mijn hart soms huilt. Het kind dat niemand waarneemt, heel kwetsbaar in mij schuilt.
Toch weet ik dat er Één is, die door mijn lach heenkijkt en als ik mij alleen voel, zacht door mijn haren strijkt. 'k Heb dan een onderonsje, een tweespraak met mijn Heer en zonder zware woorden legt Hij Zijn liefde neer.
Ik ben van Hem gaan houden, omdat Hij mij bemint, de avond met mij afsluit, de dag met mij begint. In al mijn stille uren zie ik Zijn beeltenis. Is het geen wonder dat Hij er telkens voor mij is?
(Frits Deubel)
Genesis 1 De Schepping
Romeinen 1: 20 God is wel onzichtbaar, maar Zijn werk – alles wat Hij heeft geschapen – bewijst Zijn eeuwige kracht. Want sinds het ontstaan van de wereld is Zijn bestaan duidelijk te herkennen uit wat Hij gemaakt heeft. Daarom hebben de mensen geen enkele verontschuldiging. Genesis 1 (Het Boek)
1In het begin heeft God de hemelen en de aarde gemaakt. 2De aarde was woest en leeg en de Geest van God zweefde boven de watermassa. Over de watermassa lag een diepe duisternis. 3Toen zei God: "Laat er licht zijn." En toen was er licht.
4Het beviel God en Hij maakte een duidelijke scheiding tussen het licht en het donker. 5Het licht noemde Hij 'dag' en het donker 'nacht'. Het werd avond en het werd weer morgen: de eerste dag. 6Toen zei God: "Laat de watermassa uit elkaar gaan, zodat de wolkenhemel en de zeeën worden gevormd." 7Zo maakte God de wolkenhemel, door de watermassa te verdelen tussen hemel en aarde. 8Het werd avond en het werd weer morgen: de tweede dag. 9Daarna zei God: "Laat het water onder de hemel samenstromen in zeeën en het droge land zichtbaar worden." En dat gebeurde. 10God noemde het droge land 'aarde' en het samengestroomde water 'zeeën'. God zag dat het goed was.
11En God zei: "Laten er allerlei gewassen, zaaddragende planten en vruchtbomen met zaad in hun vruchten op aarde groeien. 12De zaden zullen steeds weer planten en bomen voortbrengen." Dat gebeurde en ook nu was het goed, zag God. 13Het werd avond en weer morgen: de derde dag.
14Toen zei God: "Ik wil dat er heldere lichten aan de hemel verschijnen om de aarde te verlichten en het verschil tussen dag en nacht aan te geven.
15Die lichten zullen de vaste tijden regelen en de dagen en jaren aangeven." En zo gebeurde het. 16God maakte twee grote lichten, de zon en de maan, die de aarde moesten verlichten. Het grootste licht, de zon, beheerste de dag en het kleinere, de maan, beheerste de nacht. Tegelijkertijd maakte God de sterren. 17Hij plaatste de lichten aan de hemel om de aarde te verlichten, 18dag en nacht aan te geven en het donker van het licht te scheiden. God zag dat het goed was.
19Dit alles gebeurde op de vierde dag.
20 Vervolgens zei God: "Ik wil dat de zeeën wemelen van vis en ander leven en laat de lucht vol zijn met allerlei soorten vogels." 21-22 Zo maakte God de grote zeedieren, allerlei vissen en vogels, elk naar hun eigen aard. En Hij keek er met welgevallen naar en zegende ze. "Vermenigvuldig je en bevolk de zeeën", zei Hij tegen hen en tegen de vogels zei Hij: "Zorg dat jullie aantal groeit, zodat de aarde vol wordt." 23Nadat het avond was geweest, werd het weer morgen: de vijfde dag. 24God zei toen: "Laat de aarde dieren voortbrengen; vee, kruipende dieren en allerlei wilde dieren." En weer gebeurde wat Hij had gezegd. 25God maakte alle soorten wilde dieren, vee en kruipende dieren, elk naar hun eigen soort. God zag dat ook dat goed was. 26Toen zei God: "Laat Ons mensen maken die op Ons lijken en kunnen heersen over alle dieren op aarde, in de zeeën en in de lucht." 27God schiep daarop de mens als Zijn evenbeeld. Als man en vrouw schiep Hij hen. 28God zegende hen en zei: "Vermenigvuldig je, bevolk de aarde en onderwerp haar. Heers over de vissen, de vogels en alle andere dieren. 29Kijk om je heen! Overal op aarde staan zaaddragende planten en vruchtbomen, die Ik jullie tot voedsel geef. 30Al het gras en de planten heb Ik als voedsel aan de dieren en de vogels gegeven." 31Toen overzag God alles wat Hij gemaakt had en het was heel goed. Zo eindigde de zesde dag. Genesis 2 :1-3
1Zo werden de hemelen en de aarde en alles wat leeft gemaakt.
2Op de zevende dag rustte God na afloop van Zijn scheppend werk.
3Hij zegende die zevende dag en maakte hem tot een bijzondere, heilige dag, omdat Hij die dag Zijn scheppingswerk besloot.
|
|
|